Jade (15): "Ik wil de toekomst waar mijn moeder van droomde"

“Wekenlang had mijn moeder ons vertrek voorbereid”, zegt Jade (15) in het boek ‘niets is voor altijd’. In dit boek vertellen verschillende jongeren hun verhaal over vluchten van thuis en landen in de opvang. Jade, destijds 11 jaar, is 1 van deze jongeren.

“Met drie koffers en een tas gingen mijn moeder, mijn zus, mijn broertje en ik het huis uit. Pas toen we laat op de avond de opvang bereikten besefte ik dat het echt was. Van het ene op het andere moment was ik niet meer in het leven dat ik kende. Niet meer in mijn huis, niet meer in mijn buurt, niet meer op school. Ik was uit mijn oude leven gerukt.

Veel ruzie

Mijn ouders maakten veel ruzie. Toen ik zeven was, gooide mijn vader de loopauto van mijn broertje naar mijn moeders hoofd. Wij zaten in de woonkamer tv te kijken en hoorden geschreeuw op de gang, maar we durfden er niet naartoe te gaan. Die avond sliep mijn moeder op een matras in de kamer van mijn broertje. Ik voelde dat het echt niet goed was. Vanaf dat moment ging het steeds slechter. Mijn vader begon mijn moeder te bedreigen met een mes. In die tijd begon ik mijn vader steeds meer te haten. Mijn moeder ging pas weg toen we erachter kwamen dat mijn vader ons wilde meenemen naar zijn geboorteland Afghanistan en onze paspoorten wilde verscheuren.

Afgezonderd van de buitenwereld

Thuis hadden we al niet veel contacten, maar in de opvang waren we helemaal geïsoleerd. De eerste zes weken mochten we geen contact hebben met de buitenwereld. Naar buiten gaan was niet toegestaan. Mijn zus was boos dat ze al haar vrienden had moeten achterlaten. Ze zat in de eerste van het vwo. In de opvang zat ze bijna altijd op de kamer. Ze nam het mijn moeder kwalijk dat haar leven was verpest. Aan mijn moeder merkte ik dat ze verdrietig was maar ook opgelucht. Zelf had ik al mijn gevoelens opzij gezet.

Opvang wordt thuis

We hebben bijna anderhalf jaar in de opvang gezeten en het werd steeds meer mijn huis. Over vroeger of over gevoelens sprak ik nooit met de andere kinderen. Toch voelde ik wel een diepere band met ze, omdat we in dezelfde situatie zaten. Alle kinderen die daar zitten hebben iets. Ze zijn depressief of heel verdrietig. Anderen hebben een kort lontje.

Werken aan een toekomst

Mijn moeder, zus, broertje en ik hebben het allemaal zwaar gehad, maar uiteindelijk zijn we een familie die van elkaar houdt. Na mijn tweetalig vwo wil ik reizen en carrière maken: iets creatiefs, maatschappelijks of politieks. Ik heb het gevoel dat ik mijn moeder moet laten zien dat ze niet voor niks alles heeft achtergelaten. Ik wil de toekomst krijgen waar zij van droomde.”

Dit is een verkorte versie van het verhaal van Jade. Haar hele verhaal is te lezen in:  ‘Niets is voor altijd’.

Boek: Niets is voor Altijd:  http://www.veiligetoekomst.nl/downloads/niets-is-voor-altijd/